Zoeken

Mijn droom Baan

Werken aan en voor een gelukkig leven

Maand

december 2017

Van zaadje tot cress

Ook na anderhalf jaar blijf ik mij verbazen en verwonderen bij Koppert Cress. Dit jaar werd symbolisch de eerste paal in de grond geslagen voor een nieuwe kas waarmee op termijn de capaciteit voor de teelt van cressen flink groter wordt in Monster. Maar en passant kregen de medewerkers ook de mogelijkheid de nieuwe locatie van R&D en Sango Seeds te zien. Bij deze nog jonge loot aan de stam van Koppert Cress werken nog maar drie mensen, maar de impact van de zaadtak is veel groter dan ik mij had kunnen voorstellen.

1000 voetbalvelden met zaden

Sango Seeds levert alle zaden aan Koppert Cress en de licentiepartners in Australië, Verenigde Staten, Japan, Turkije en mogelijk straks nog meer partners. Maar inmiddels zijn wereldwijd al tientallen klanten voor de zaden, die worden gekweekt op bijna 500 ha, zo’n kleine 1000 (!!) voetbalterreinen. En die velden liggen verspreid over Nederland, Frankrijk, Italië, Frankrijk, Japan, Australië, Vietnam, China, Peru en Colombia. Deze locaties zijn geen toeval. Door de spreiding van werelddelen –en dus jaargetijden- kunnen cressen in optimale omstandigheden worden geteeld. En elk land heeft zijn specifieke kenmerken. Zo leer ik van directeur Robin Schaap die mij rondleidt.

Jaarlijks wordt 300.000 kilo zaad geoogst. Duizenden gezinnen zijn met dit proces betrokken. Ook die spin off is dus indrukwekkend.

Wekelijks meer dan 70.000 restaurants bevoorraad

De zaden voor cressen die wekelijks in 70.000 restaurants over de wereld worden geserveerd, moeten aan de strengste kwaliteits- en veiligheidseisen voldoen. De lokale producenten produceren de zaden, oogsten ze, laten ze drogen en maken de zaden schoon.

Ook worden er kiemtesten uitgevoerd en de zaden gecontroleerd op schimmels, chemicaliën en eventuele andere ziekten. Daarna liggen de zaden in een constante temperatuur in gekoelde opslagloodsen opgeslagen tot ze worden uitgeleverd. In Monster worden ze daarna nogmaals gewassen en gedroogd.

Na vandaag ken ik de wereld van cressen nog beter.

 

Voedsel als verbinder voor leefbaarheid in grote steden

Hoe voed je bijna negen miljard mensen met gezonde voeding zonder het milieu verder aan te tasten? Wayne Roberts, medeoprichter van de Toronto Food Policy Counsil, laat al meer dan tien jaar in de meest multiculturele stad van Noord-Amerika zien dat er een oplossing is.

,,Voedsel verbouwen doe je niet alleen om te eten, maar ook voor het gezelschap. Als mensen samen tuinieren en samen eten, zijn ze minder eenzaam, terwijl eenzaamheid de grootste bedreiging is van de volksgezondheid.”

Geen files door lokale voedselproductie

Ook in andere sectoren heeft voedsel een hefboomwerking, zo vervolgt Wayne. ,,Neem nou afval, dat bestaat toch voor een groot deel uit etensresten en de voedselverpakkingen. Als je je eigen groente verbouwt, scheelt dat heel veel afval. Of transport! In Canada is een vijfde van de autoritten voor het kopen van voedsel. Als je dat kunt terugbrengen met voedsel op loopafstand, scheelt dat dure files.” En dat gebeurt dus in deze metropool.

Roberts, een fenomeen met een kleine 100.000 volgers op Twitter, was deze week enkele dagen in Nederland voor de oprichting van de Food Counsil MRA in Amsterdam. Deze organisatie wil het gedachtegoed van de 73-jarige sociaal historicus adopteren.

In Toronto, een stad met 2,8 miljoen inwoners van wie de helft van ethische buitenlandse afkomst, is mede door Roberts een voedselrevolutie ontketend. Hij gebruikt voedsel als hefboom om bijvoorbeeld jeugdcriminaliteit aan te pakken. In een buurt met lage inkomens en jeugdbendes introduceerde hij een gemeenschapstuin waar jongeren niet alleen technische groenteteeltvaardigheden maar ook sociale skills krijgen geleerd. ,,Omgaan met mensen, omgaan met verschillen. Ze zien een andere toekomst en mensen voelen zich veiliger.’’ Toronto staat inmiddels bekend als tolerante stad.

Groen dak verplicht op grote gebouwen

Roberts’ rol als Food Counselor was plannen maken en vooral de juiste mensen bij elkaar te brengen. Zijn invloed is ook vermengd met de stadsplanologie van Toronto. De stad is vergroend, maar ook dichtgegroeid. ,,Toronto heeft daarom de toevlucht moeten zoeken tot de daken om tuinen aan te leggen. Inmiddels is een groen dak verplicht voor gebouwen van een bepaalde omvang.’’

Volgens Roberts hebben vrijwel alle metropolitane vraagstukken direct of indirect met voedsel te maken. Dat geldt voor gezondheid, stedenbouw, infrastructuur, groen, werkgelegenheid maar ook voor toerisme en sociale ongelijkheid.

Waar Roberts zich thans concentreert op lezingen en publicaties daar heeft zijn vrouw Lori Stahlbrand het stokje als Toronto Food Policy Council overgenomen.

Zijn korte verblijf in Amsterdam benutte hij ook om Koppert Cress te bezoeken. Hij liet zich voorlichten door Rob Baan, een andere keynote spreker tijdens Flows of Food in de Beurs van Berlage waar de Food Council MRA het levenslicht zag.

Roberts en zijn vrouw waren vooral onder de indruk hoe zonder bestrijdingsmiddelen maar met geavanceerde en geautomatiseerde technieken cressen op een duurzame manier worden geteeld. Bijgaand de bevindingen van het stel.

 

Ademhaling verdient meer aandacht

Voor het schrijven van dit blog over Stans van der Poel heb ik even diep ademgehaald. Zelden zoveel nieuwe inzichten gekregen over het belang en noodzaak van een goede ademhaling. Stans is een van de experts die zich verbonden heeft aan het initiatief van First Food Network dat op 1 december is gelanceerd. Ik ben direct lid geworden, maar mijn kennismaking met Stans krijgt ook een vervolg, want haar kennis en visie draag ik graag uit.

Stans van der Poel leert anderen meer en beter gebruik te maken van ademhalingstechnieken. Ze ontwikkelde met wetenschappers apparatuur en apps om ademhaling en hartslag goed te meten. Met haar Energy Control Methode behandelt ze patiënten die kampen met Burn-Out, ME, Fibromyalgie, Overgewicht, Diabetes 2, COPD, maar begeleidt ze ook sporters, die een marathon willen volbrengen.

Marathon Revolutie: max 14 km trainen per keer

De Volkskrant journalist Iwan Tol liet zich inspireren door het boekje de Marathon Revolutie van Stans en Koen de Jong. Tol schreef een verhaal over zijn ervaringen dat voor veel opschudding zorgde in de loopwereld. In 100 dagen bereidde hij zich voor met maar vier trainingen per week, waarvan de langste slechts 14 kilometer was. Omdat de trainingen niet zo enorm lang zijn, herstel je sneller. Zo legt Stans uit. De kans op blessures neemt ook af. Enige voorwaarde is dat een loper de 10 kilometer binnen 65 minuten moet kunnen lopen en de marathonhartslag geen moment uit het oog verliest.

Met geavanceerde apps wordt dit tijdens de marathon en trainingen gemonitord. Stans (62) zweert zelf ook bij deze aanpak. Ze liep al negen keer een triathlon, waarvan drie keer een Ironman. Zonder kruisband trouwens. Een tiende volgt nog. Ze was ooit een niet onverdienstelijke zwemster. Maar als sportdocente en hart- longfunctielaborante bekwaamde ze zich vooral als  expert op dit specifieke aandachtsgebied. Ze ontdekte ook het verband tussen verschillende gezondheidsklachten en een ontregelde ademhaling.

Met haar twee uur durende test kan ze uitrekenen hoe zwaar atleten moeten trainen, maar ook hoe ze sneller kunnen herstellen en beter kunnen ontspannen. De test geeft inzage in de pH-waardes, ademhaling, hartslagvariabiliteit en stoffen als cortisol in het lichaam. ,,Die gegevens zijn voor elk persoon uniek. Iedereen heeft dus een andere trainingsaanpak. Want hoe kun je nou weten wat je hartslag je vertelt als je geen idee hebt wat je rusthartslag is en je maximale hartslag?’’, zo doceert Stans.

Minder stress met goede ademhaling

Een goede ademhaling beheersen, levert veel winst op. Stans die een eigen gezondheidslab bestiert in een voormalige veiligheidsnederzetting in Nederhorst den Berg somt op:

  • Betere vetverbranding
  • Minder last van concentratieverlies
  • Minder stress
  • Minder spierpijn/vermoeidheid

Patiënten die chronisch vermoeid zijn, zweren daarom ook bij deze aanpak. Stans heeft inmiddels 300 coaches opgeleid voor medische fitnesstrainingen. En ik wil nummer 301 worden!

Op haar hometrainer legt Stans haar techniek verder toe:

Blog op WordPress.com.

Omhoog ↑